Tot midden 19e eeuw was onderwijs niet voor iedereen, was het lesaanbod beperkt en werd er vaak in een huiskamer lesgegeven.

Les in de huiskamer in de 17e eeuw – Van Ostade
Hogere eisen aan bevoegdheid van onderwijzers, aan leslokalen en een uitgebreider vakkenpakket werden pas in 1857 bij wet geregeld. Tot die tijd was het behelpen in de ‘school’. Na de verovering van Maastricht door Frederik Hendrik in 1632 werd een groot deel van Zuid-Limburg staats gebied. Dit betekende dat er predikanten en protestantse kosters in dit gebied werden aangesteld.
De kosters waren ook verplicht les te geven: in lezen, schrijven, religie en soms ook rekenen. Daarnaast hadden ze hun werk als koster en klokkenluider.

Middeleeuwse koster luidt de kerkklok
Naast de schoolgelden en het kosterloontje van de kerk kregen ze soms een bedrag van de gemeente. Sommigen kregen een deel van de akkerbouw-opbrengst. Anderen waren parttimeboer om rond te komen. Pas na 1857 kon een schoolmeester leven van zijn inkomen dat toen gemiddeld fl. 400,00 per jaar werd.
Kinderen van verschillende leeftijden zaten bij elkaar in één ruimte. Ieder werkte aan zijn eigen opdracht en werd 2 keer op een lesdag overhoord. Af en toe is een misstand in school vastgelegd op papier: in 1701 legden 5 jongens uit Eijsden een verklaring af bij een Maastrichtse notaris over ongewenste intimiteiten van hun gereformeerde schoolmeester.

Biddende kluizenaar – Gerard Dou
Het dorp Berg was ook staats maar hoorde bij het St. Servaaskapittel. Het kapittel was zo machtig dat Berg katholiek kon blijven. De kapelaan gaf er les in de kapelanie met een uitzonderlijk lesprogramma: Latijn en Frans hoorden erbij. Vaesrade viel onder Spaans gezag en bleef dus sowieso katholiek. Het dorp hoorde ook bij het St. Servaaskapittel dat toestond dat er zich kluizenaars vestigden. Voorwaarde was dat zij ook lesgaven aan de jeugd. (Waren zij dan nog wel kluizenaars?) Kwekelingen, studenten die het onderwijzen leerden bij een meester of in een praktijkschool, hadden altijd al voor de klas gestaan. Vanaf 1857 ontstonden er bij wet geregelde kweekscholen voor onderwijzers in Nederland.

door Vladimir Makovky
In Maastricht sprak men over de ‘kwikke’ van de Maastrichtse kweekschool. Meisjes werden vooral geschoold in huishoudelijke taken. Het hogere onderwijs was jongensterrein. Daar brachten de Ursulinen in Maastricht verandering in door een hbs voor meisjes op te richten in 1916. Vooruitstrevend als zij waren voerden zij ook beloningen in naast het gebruikelijke straffen. Je kon een wit kroontje verdienen, een groene lauwerkrans of een bloemenkrans als hoogste beloning.

Les in de tram
Ook meisjes van woonwagenkampen kregen les. De dames van het woonwagenliefdewerk hadden een tramwagon aangeschaft waarin ze aan deze meisjes lesgaven. Enkele oude schoolgebouwen zijn nog in onze regio blijven bestaan.

Voormalige onderwijzerswoning met schooltje in Houthem
In o.a. Wolder, Eijsden, Bemelen, Houthem, Wahlwiller en Margraten staan de schooltjes uit respectievelijk 1856, 2x 1858, 1881, 1900 en 1911 nog overeind. Met vaak de onderwijzerswoning ernaast of ervoor.
© 2026 Rosemarie Bovy / Tijdreizen door Zuid-Limburg. Tekst en afbeeldingen zijn auteursrechtelijk beschermd.


