De najaars-jaarmarkten: de Bokkemèrt in Valkenburg en de Hubertusmarkt in Gulpen, zijn onderdeel van een hele serie jaarmarkten in onze regio. Het fenomeen jaarmarkt in Zuid-Limburg begon in Maastricht met de Sentervoesmesse, de Sintservaas-jaarmarkt, voor het eerst vermeld in 1243.

De jaarmarkt – De Vriendt
Aanvankelijk waren er 3 jaarmarkten in Maastricht: vooral voor lakenwevers om hun stoffen te verkopen. In de 12e eeuw kreeg de kerk het recht om jaarmarkten te organiseren: markten in steden en in plaatsen met een gunstige ligging die verschillende weken duurden. Handelaars kregen een geleidebrief voor veiligheid onderweg. En er was marktvrede: de gildebepalingen waren niet van kracht en er werd niet naar een strafblad gekeken. Dat betekende dat bannelingen welkom waren.

Vruchten te koop – Gustave Caillebotte
In Maastricht luidde Grameer het begin van ‘de vrijheid’ in om 18.00 uur op Servaasdag. Op de jaarmarkt kon je producten kopen die in het eigen gebied moeilijk te krijgen waren zoals specerijen, suiker, citrusvruchten en levertraan. Ambachtslui schaften er hun grondstoffen aan zoals wol, huiden en metalen. Maar je kon er ook vreemde valuta wisselen, kwakzalvers en waarzegsters raadplegen en het laatste nieuws horen van de omroeper. Voor vertier waren er acrobaten, toneelspelers en potsenmakers (grappenmakers).

Waarzegster – Manfredi
Maastrichtse handelaren gingen ook naar buitenlandse jaarmarkten, vooral die van Keulen en Frankfurt. Op de Frankforter Beurs had Maastricht een eigen hal: de Trichterhalle. Sinds 938 was ook de jaarmarkt van Visé in trek: er werden ijzerwaren, luxe huiden en pelzen verkocht. Ook de jaarmarkten in de Champagne in Frankrijk. waren populair. Maastrichtse kooplui kochten er luxe stoffen, wijn en zuidvruchten en verkochten hun eigen laken en leer. In de 13e eeuw trokken ze naar de jaarmarkt van Enns in Oostenrijk waar ze tol in de vorm van schoenen en handschoenen moesten betalen. Vanuit Enns gingen ze naar Wenen, Hongarije en Lemberg (Lviv) in de Oekraïne waar ze huiden, pelzen en aluin kochten. In de 14e en 15e eeuw voeren ze ook over de Maas naar de jaarmarkt van Schonen in Zuid-Zweden waar ze een eigen vestiging hadden.

Veemarkt – Saftleven
Ook de Hubertusmarkt in Gulpen bestaat al lang, sinds 1544. Begin vorige eeuw was deze jaarmarkt een soort personeelsdag: er werden arbeidsovereenkomsten gesloten tussen boer en knecht. Als er een deal was gesloten kreeg de knecht een extra muntstuk, meestal een gulden. De eerste officiële Sint-Joepmarkt wordt in 1803 in Sittard gehouden. Deze jaarmarkt gaat echter terug tot in de Middeleeuwen. Het is op dit moment de langste jaarmarkt van Nederland met een lengte van 5 kilometer. Vanaf 1782 was er de Andreasjaarmarkt in Heerlen waar de kooplieden met de beste waar premies kregen uitbetaald.

Reclameprent voor bokbier
De Paasveemarkt van Beek uit 1932 trok in 1984 25.000 bezoekers. Op deze jaarmarkt waren grote aantallen paarden, ezels en koeien te bewonderen. Elke herfst kunnen we nu nog steeds genieten van het eerste herfstbokbier van brouwerij De Leeuw en het eerste bockbier Gulpener die geschonken worden bij de Bokkemèrt en de Hubertusmarkt.
© 2026 Rosemarie Bovy / Tijdreizen door Zuid-Limburg. Tekst en afbeeldingen zijn auteursrechtelijk beschermd.


