
door Violet A. Wilson
We kennen allemaal achtervolgingen en overvallen van postkoetsen door cowboys en indianen in westerns. Maar ook in onze eigen regio reden vanaf de 18e eeuw volop postkoetsen. Zo waren er postkoetsroutes van Breda, Den Bosch en Nijmegen naar Maastricht. Er was een route van Maastricht via Valkenburg en Heerlen naar Aken. Maar ook de Visévoie tussen Aken en Luik liep door Zuid-Limburg: via Gulpen, Terlinden, Mheer, Voeren en Visé.
Forel eten
Op deze routes waren er pleisterplaatsen om de 15 à 25 km waar de paarden gewisseld konden worden en er soms ook gepauzeerd en gegeten werd.

door Winslow Horner
Zo waren Wittem en Gulpen bekende halteplaatsen: in Gulpen kon je toen al goed forel eten. In Heerlen was de Geleenhof een bekende halte. In Maastricht waren dat waarschijnlijk ook hotels: o.a. het voormalige Hôtel Du Casque en Hôtel du Lévrier (soms Grand Hôtel genoemd) in de Boschstraat.

Reclameprent Hôtel du Casque rond 1840
Op reclameprenten van deze hotels rond 1840 zijn koetsen te zien die door of naar de koetspoort van de hotels rijden. Het waren zeer waarschijnlijk postkoetsen. De reclameprent van Du Casque is meertalig: Place d’Armes is de Franse versie van Vrijthof. In Valkenburg werd er gestopt bij voormalig hotel Vossen.

Reclameprent Hôtel du Lévrier rond 1840 – Alexander Schaepkens
Bijzondere reizigers
Er waren heel wat paarden nodig om een lijndienst te onderhouden: 54 paarden voor de dienst Den Bosch-Maastricht: 12 in deze steden en 6 op de 5 halteplaatsen. Valkenswaard, halte op deze route, was beroemd om de valkerij. Valkeniers gingen met de postkoets naar buitenlandse vorstenhoven om daar te werken. Maar een postkoetsreis was niet alleen zakelijk: burgers van Breda bezochten via Maastricht de Akense thermale baden. De postkoets was er vooral voor de wat beter gesitueerden.

Jong talent uit Mozart’s tijd
Ook beroemde personen reden met de postkoets door onze regio. Zo maakte de 7-jarige Mozart gebruik van de Visévoie en kwam door Gulpen en langs Mheer. Het was 1763, hij maakte een Grand Tour door Europa met zijn vader en zijn zus, hij had opgetreden voor een prinses in Aken en was op weg naar Luik.
Postiljon en koning klant
Postkoetsen vervoerden vooral personen maar soms ook post en pakketjes. De postiljon, de bode te paard, bleef verantwoordelijk voor de meeste brievenpost.

Augsburgse postiljon
Ook hij stopte bij de posthaltes en wisselde er zijn paard. Hij kondigde zijn komst aan door te blazen op zijn hoorn. De naam van brasserie ‘de Poshoorn’ in Maastricht verwijst hiernaar. De naam koets zou komen van het Hongaarse stadje Kocs. De Hongaren hadden een koets ontworpen die lichter was en populair werd. Toch bleef het een oncomfortabel vervoersmiddel. Maar via regels werd er alles aan gedaan om de reiziger te contenteren.

Originele posthoorn
Er werd zo snel mogelijk gereden, zoveel mogelijk binnen de afgesproken tijdspanne en zo veilig mogelijk. De voerman mocht (ook toen) geen alcohol drinken. De tijd van de roofridders was voorbij. Het was hier niet meer het wilde westen.
© 2026 Rosemarie Bovy / Tijdreizen door Zuid-Limburg. Tekst en afbeeldingen zijn auteursrechtelijk beschermd.


