Maastricht is al heel lang een grensstad.
Eind 9e eeuw liep de landsgrens zelfs door de stad: de Maas was de grens tussen West- en Oost-Francië (het huidige Frankrijk en Duitsland). Maastricht ten westen van de Maas was Frans en Wijck was Duits. Maar begin 10e eeuw lag Maastricht centraal in het hertogdom Lotharingen. Voor hertog Giselbert II was Maastricht zelfs de hoofdstad van zijn gebied.

Giselbert II en Gerberga
De Duitse koning Hendrik I verovert het gebied van Giselbert en geeft zijn 15-jarige dochter Gerberga ten huwelijk aan de 30 jaar oudere Giselbert om zeker te zijn van de trouw van Giselbert. Koning Hendrik I en zijn vrouw Mathilda zijn fan van Sint Servaas. Zij hebben de paleiskerk in Quedlinburg gewijd aan Servaas. Het koningspaar zou een staf en een mantel van Servaas uit Maastricht hebben meegenomen.

Servaaskerk in Quedlinburg
Deze relieken worden nog steeds in Quedlinburg bewaard. De met goud beslagen staf is echter 10e eeuws (Servaas leefde in de 5e eeuw) en de linnen mantel met dierfiguren komt waarschijnlijk uit Egypte. Zoon keizer Otto I zou zelfs de beenderen van Servaas hebben laten overkomen naar Quedlinburg.
Dat lieten de burgers van Maastricht niet over hun kant gaan. Enkele dappere Maastrichtenaren infiltreerden in Saksen, bemachtigden de beenderen en vluchtten het land uit. Bij hun terugkeer in Maastricht zou Servaas er allerlei wonderen hebben laten gebeuren. Giselbert kiest Maastricht als zijn machtbasis en wordt lekenabt van de Sint Servaasabdij.

Gerberga van Saksen
Hij trouwt met Gerberga in de Servaaskerk in Maastricht. Tevens wordt daar zijn abtswijding plechtig gevierd in aanwezigheid van koning Hendrik I, getrouwen van de koning en de hertog en vertegenwoordigers van de Servaasabdij. Maar de geschiedenis neemt een verkeerde wending als Giselbert in opstand komt tegen Otto I. Diens leger verslaat het leger van Giselbert en zijn bondgenoten in 938 bij Andernach waar Giselbert op de vlucht in de Rijn verdrinkt. Gerberga trouwt vervolgens met de Franse koning en wordt koningin van Frankrijk.

Voormalige proosdijhof in Meerssen – Philip van Gulpen
Op haar oude dag schenkt zij de paltskapel (later proosdij) van Meerssen aan de Remigiusabdij in Reims. Ook de Duitse keizer Hendrik III was een groot bewonderaar van Sint Servaas. Hij wijdde een kerk in Goslar aan Servaas en wist een stuk van zijn onderkaak van het kapittel te verkrijgen voor de nieuwe kerk (de Servaasabdij was inmiddels Servaaskapittel geworden). Voor deze reliek liet hij een gouden borstbeeld maken.

Otto de Grote
Het verhaal van dit beeld beschreven door Henric van Veldeke vormt de oudste mop van Nederland met een verhaal: Hoezeer de goudsmeden hun best ook deden, het Servaasbeeld keek scheel. Daarop liet de keizer de smeden in de kerker gooien. ’s Nachts verscheen Servaas echter aan de keizer in zijn droom. Nu kon hij zelf zien dat Servaas scheel keek. Hij liet de goudsmeden vrij en droeg het beeld van Servaas zelf de kerk in. In 1039 werd Hendrik III ingehuldigd als koning van Duitsland in de Servaaskerk in Maastricht.
© 2026 Rosemarie Bovy / Tijdreizen door Zuid-Limburg. Tekst en afbeeldingen zijn auteursrechtelijk beschermd.


